Gelabeld kro

Bovenmeester

Bob Bouma (1929-2009)

Onberispelijk. Dat is toch wel het eerste woord dat ons te binnen schiet bij de naam Bob Bouma. Een onberispelijke man in een onberispelijk pak in een al even onberispelijke quiz.

Met die quiz bedoelen we Cijfers en Letters, het KRO-spelletje waar wij bovenmeester Bob Bouma vooral van kennen. Als u ouder bent, herinnert u zich misschien ook nog Voor een briefkaart op de eerste rang. Dat Bouma daar Catherine Deneuve ooit ‘de mooiste vrouw ter wereld’ noemde, was kennelijk zo opzienbarend dat het zijn Wikipagina haalde.

Maar Cijfers en Letters dus. Een programma dat zo tenenkrommend braaf was, dat je hoopt dat er zich achter de schermen verschrikkelijk platte en smerige dingen hebben afgespeeld, om het leven van de makers nog enigszins draaglijk te maken.

Een reeks ongelooflijke dorknopers kwam langs om zich eens lekker te verpozen met cijfers en – u raadt het al – letters. In het laatste geval ging dat ongeveer zo:

Kandidaat A: ‘Medeklinker.’
Bob Bouma: ‘De N van Nussenpoorterkutveen.’
Kandidaat B: ‘Medeklinker.’
Bob Bouma: ‘De R van Reetjeswolde.’
Kandidaat A: ‘Medeklinker.’
Bob Bouma: ‘Nog een N van Nakkernootjesklitjesdorp.’
Kandidaat A: ‘Klinker.’
Bob Bouma: ‘De E van Eelde.’

Vervolgens werd er integraal een pauzemuziekje van acht minuten* gedraaid en vormden de twee kandidaten een zo lang mogelijk woord. Het cijferdeel zullen we u besparen.

Kijk eens een hele aflevering van Cijfers en letters. En roep dan nooit meer dat vroeger alles beter en leuker was. Het echoot een Nederland waarvan echt niemand meer blij zou worden. En dat lag allemaal niet aan die onberispelijke Bob Bouma.

*=gevoelswaarde

Oerjurylid

Jacques d’Ancona (1937) 

Talentenshows met juryleden zie je tegenwoordig in alle soorten en maten. We kijken allang niet meer op van een grofgebekte Gordon die gierend uit de bocht vliegt en naar een vals zingende Idols-kandidate schreeuwt dat ze een nekschot verdient. Of van een jurylid dat een kandidaat fileert vanwege zijn Chinese afkomst: ‘Doe mij maar nummer 39 met rijst’ (hé, da’s toevallig: die uitspraak was ook van Gordon!).

In de verre jaren tachtig van de vorige eeuw waren er nauwelijks talentenshows, dus evenmin was er sprake van een welig tierend juryledenbestand. We hadden Henny Huisman, zijn Soundmixshow en de achter hun desk vastgeroeste Barry Stevens en Jacques d’Ancona. Nu was die eerste de goedheid zelve – ‘Vooral dooooorgaan’ was Barry’s welgemeende advies dat uitgroeide tot een gevleugelde uitdrukking – maar daar had Sjak geen enkele boodschap aan.

Het gebeurde regelmatig dat een argeloos kassameisje zich tot in de puntjes had verkleed als haar idool en zich tot het uiterste had gegeven, waarop Jacques vilein zijn linker wenkbrauw optrok om vanachter zijn pastelgroene, felgele of anaalroze designbril zijn ogen tot streepjes te knijpen. Wat daarna volgde was snoeiharde kritiek: ze had zich verkeken op de choreografie, een bepaalde noot net niet zuiver genoeg benaderd en bij nader inzien had ze beter met haar dikke reet achter haar kassa kunnen blijven zitten in plaats van de mensen thuis én Jacques op deze waardeloze vertoning te trakteren.

Tja. Henny en Barry konden hoog of laag springen, Jacques was en bleef keihard in zijn oordeel. De voormalige voetbalscheidsrechter hield er nu eenmaal niet van om mensen stroop om de mond te smeren. Daar heeft de Gordon avant la lettre dus maar mooi een carrière als BN’er aan te danken. Tegenwoordig doet d’Ancona het rustiger aan, maar nog altijd steekt hij zijn mening niet onder stoelen of banken. Vraag hem maar eens wat hij van Ali B. vindt, bijvoorbeeld…

Weesknaap

Morrison (1981 – 1991) 

Soms loop ik te denken wie ik ben,
en waarom ik m’n pappie en mammie niet ken…
Maar dan ga ik slapen, en ik denk aan jou,
en ik weet dat er iemand is die van mij houdt!

Eens, lang geleden was Hilversum Drie nog pure onschuld. Toen had de zender geen DJ’s nodig die zich oraal lieten bevredigen onder hun desk, die Mein Kampf hypeten en die opriepen poederbrieven de wereld in te sturen. In de jaren tachtig was dat allemaal nog nergens voor nodig, want toen hadden we Het Weeshuis van de Hits.

Het Weeshuis begon steevast met een lesje geschiedenis waarin kinderen hoogte- dan wel dieptepunten scandeerden als ‘1600. Slag bij Nieuwpoort’ en ‘1974. Rod Stewart bij Dokkum vermoord.’ Vervolgens werden de luisteraars begroet door Morrison, een raadselachtig jongetje dat zijn fans steevast ‘guppies’ noemde.

Morrison was een weemoedig gestemd weesjongetje dat vertedering opriep door de mini-monoloogjes die hij tussen de verweesde hits door opvoerde: ‘Automobilisten zal je voorzichtig zijn? Voor Morrison? En als je bang bent dan hou je maar vast aan de vangrail!’ Standaard oneliners waren ‘Echt waar guppies, echt waar!’

Beroemd was ook de uitleg van Morrison over welke muziek werd gedraaid in het weeshuis: ‘Er zijn songs die als hit worden geboren….maar d’r zijn er ook die door pappa en mamma in de steek zijn gelaten….is er nog hoop?’

Het Weeshuis werd uitgezonden van 1981 tot 1991 en al die jaren was het niet bekend wie Morrison speelde. Was het een actrice die heel goed een kinderstemmetje na kon doen? Pas in 2010 maakte presentator bekend wie het was: zijn eigen zoontje.

Vooruit, nog één fragmentje dan.

Hakkelaar

Frank Kramer (1949)

“En zo, dames en heren, komt er dan toch uiteindelijk het doelpunt.” Alweer jáááren is Frank Kramer voetbalcommentator bij Eurosport. Echt veel fans heeft de goede man niet, want google maar eens op zijn naam en zie hoe vaak zijn gehakkel door de mangel wordt gehaald.

Kramer had zijn carrière juist te danken aan het feit dat hij als een van de weinige profvoetballers zijn mondje wist te roeren. Hij speelde als prof bij FC Amsterdam, FC Volendam en HFC Haarlem. Hij praatte graag met de pers en dat was de Avro opgevallen. Voor die omroep maakte hij programma’s als Sportpanorama en de Frank Kramer Show.

De echte roem kwam met Hints, het programma waarin heel Bekend Nederland (zeg maar zo’n beetje de helft van de mensen op deze website) zich in allerlei kronkels en bochten wringt om een lied, een boek- of een filmtitel te duiden. Zo kon het zomaar zijn dat een van de kandidaten naar het kruis van Gerda Havertong wees om ‘klinkt als’ De Negerhut van Oom Tom uit te beelden.

Of wat dacht u hiervan: de immer brave Frank moet Adelheid Roossen de volgende uitdrukking laten uitbeelden voor Corry Konings, Marijke Merckens en Tetske van Ossewaarde: ‘Het leven is een pijp kaneel. Men likt eraan en krijgt zijn deel.’

Hints kwam in 2010 weer terug op tv, maar niet met Frank. Waarom niet? “Ik ben niet benaderd. Die kans is ook uiterst klein. Ik ben met problemen bij de KRO weggaan, met een rechtszaak. Dan is het in Hilversum zo dat je nooit meer ergens binnenkomt. Maar ik heb het ook geen dag gemist, moet ik eerlijk zeggen. Het is even leuk en dan ga je weer iets anders doen.” Lekker hakkelen bij Eurosport, bijvoorbeeld.

Plaaggeest

Jaap Stobbe (1936)

Hoezo, clowns zijn eng? Clowns zijn juist vrolijk, gezellig, erudiet en ont-zet-tend grappig. Neem nou Hugo van De Poppenkraam. Samen met medepop Henriëtte kwam hij tot leven in een speelgoedwinkel, waar ook een jonge Marlous Fluitsma rondhing als de sjiekbestrikte pop Daisy.

Hugo was dé glansrol van acteur Jaap Stobbe. Vijf jaar lang schmierde hij er met een rode neus op los in de KRO-kinderserie. Daarvoor en daarna moest hij meestal genoegen nemen met bij- en figurantenrollen. De bekendste daarvan is die van barman Lowietje in Baantjer, al werd Stobbe vanaf seizoen drie vervangen door Herman ´Kokki´ Kortekaas.

Zijn móóiste rol is ongetwijfeld die van de Plaaggeest in de gelijknamige serie van Bassie en Adriaan, waarin hij kinderen de stuipen op het lijf joeg. Dat Stobbe nog altijd tot de verbeelding spreekt, blijkt uit zijn fanclub op Hyves. Tientallen Nederlanders genieten hier samen van zijn legacy.