Van Wijnschenk. Harry

Frictievoorzitter

Harry Wijnschenk (1964)

Gerard van As, Philomena Bijlhout, Vic Bonke, Cor Eberhard, Ferry Hoogendijk, Jim Janssen van Raaij, Gonny van Oudenallen, João Varela…. Het aantal vogels van exotische pluimage binnen de LPF-gelederen in de Tweede Kamer was na de verkiezingen van mei 2002 schier eindeloos.

Het fascinerende aan alle kikkers in de Fortuyn-kruiwagen was dat ze -bijna- allemaal vonden dat ze (soms stiekem, soms openlijk) zelf het meest geschikt waren om het evangelie van de vermoorde voorman te verkondigen. Binnen de LPF was eigenlijk iedereen een God in het diepst van zijn of haar gedachten.

Toch waren het niet de mannen met het grootste charisma die uiteindelijk de fractie zouden leiden. Eerst was de onvergetelijke vliegtuigliefhebber Mat Herben aan de beurt. En toen het hem allemaal teveel werd, bevond ene Harry Wijnschenk uit Almere zich ineens in het centrum van de macht. Een klassiek voorbeeld van een hele roedel honden die vechten om een been, waarna nummer 26 er mee vandoor gaat.

Wat Hartog Hank Richard Wijnschenk met dat been aanmoest, dat wist hij zelf eigenlijk ook niet zo goed. Zeker niet toen de Algemene Beschouwingen aanbraken. Geschutter van de bovenste plank was het, vond ook zijn eigen fractie. Toen Wijnschenk op eigen houtje het intellectueel zwaargewicht Herman Heinsbroek naar voren schoof als partijleider, was het volgens de rest van de LPF-kamerleden alweer tijd om afscheid te nemen, wat voor coalitiegenoten CDA en VVD een van de welkome aanleidingen was om het kabinet Balkenende I op te blazen.

De lijdensweg van Harry Wijnschenk als eerste man had toen twee maanden geduurd. Het waren epische tijden, inderdaad.

De niet-zo-Haagse-Harry ploeterde nog even voort als eenmansfractie, maar legde zich al snel weer toe op zijn oude stiel: het uitgeven van vakbladen, onder andere over motoren en peperdure horloges. Een stuk rustiger. En of je nu LPF-bons bent of blaadjes in de markt zet: bij die andere Harry ben je altijd welkom om je verhaal te doen. Al moet je als zakenman daar wél voor betalen.