Van Houweninge. Chiem van

Lachzak

Chiem van Houweninge (1940)

Joachimus Johannes van Houweninge is het Nederlandse gevoel voor humor in een zwaarlijvig, bebaard jasje. Niet de altijd genoemde André van Duin, maar van Houweninge snapt onze volksaard het best. Honderden en honderden (en dan bedoelen we hónderden en hónderden) afleveringen lang beukte Chiem met Alexander Pola en zijn vrouw Marina op ons in met zijn grappen en grollen. Tot we murw in de touwen hingen. Het begon allemaal met Zeg ‘ns AAA, en het hield voor ons gevoel nooit meer op.

De plot van een ‘Van Houweninge’ is vrij simpel, het script draait meestal om een kolderiek misverstand. Zoiets bijvoorbeeld:

Mien Dobbelsteen heeft stiekem een zwak voor Buurman Buijs, hoewel ze gelukkig getrouwd is.
Op straat ziet ze de partner- en  kinderloze Buijs lopen met een veel jongere vrouw.
Verhip, Mien wordt er goed chagrijnig van en laat in de keuken zelfs van alles uit haar handen vallen!
Als ze schoorvoetend aan Buijs toegeeft wat ze gezien heeft, komt de Chiem-aap  uit de mouw: Buijs heeft een tweelingbroer en die was op stap met z’n dochter.
Een tweelingbroer! Haha! Die gekke Mien voelt zich goed op d’r nummer gezet, maar eind goed al goed natuurlijk!

Die tweelingbroer bleek trouwens weer een mooi opstapje naar de 158.787 afleveringen afleveringen tellende spin-off Oppassen!, die weer werd gevolgd door Bergen-Binnen, maar die serie hield het beduidend minder lang vol. En net toen u en wij dachten dat het was afgelopen met die Vara-arbeidershumor stond de opvolger van Van Houweninge op en begon Haye van der Heyden aan Kinderen geen bezwaar, een serie die inmiddels qua omvang het oeuvre van Homerus rijkelijk voorbij is gestreefd.

In de wereld van de Duitse Krimi’s zijn ze ook gek op vaste stramienen, geen wonder dus dat Der Chiem lekker meepende aan de serie Tatort, waar hij trouwens ook een zeer verdienstelijke rol in speelde.