Van Haak. Nico

Elastieken zanger

Nico Haak (1939 – 1990)

Dat Nico Haak niet meer in ons midden is, klopt eigenlijk voor geen meter. De laatste jaren van zijn leven liep de volkszanger namelijk rond met een bionische armband. Dit accessoire (zie ook de foto hierboven) zou garant staan voor een langer leven. Nou, mooi niet dus. Haak ging gewoon het hoekje om, en met hem de handel in de onbetrouwbare sieraden. Dat laatste duurde nog even: tot maanden na zijn dood bleef Haak door een foutje deze ‘bioregulator’   in advertenties nog met een gulle lach aanprijzen in uw Tros Kompas.

Bij leven en welzijn vermaakte Haak zichzelf in zijn autospuiterij met zingen, fluiten en moppen tappen. Tijdens het werken werd hij ontdekt. Samen met een bandje dat De Paniekzaaiers heette scoorde Haak al snel zijn eerste hits, waarvan Honkie Tonkie Pianissie de bekendste is. Al snel daarna ging Nico solo, wat hem nog grotere knallers opleverde, als Foxie Foxtrot en Is je moeder niet thuis.

In de jaren tachtig werd het wat stiller rond Haak. Hij scoorde nog een hitje met Als ze me missen, maar daar bleef het bij. Wat al een beetje bleek met die bio-armband: Haak ging op zoek naar de zin van het leven. In een van zijn laatste singles, Apen pellen pinda’s, draait het om de volgende existentiële vraag:

Apen pellen pinda’s, konijnen knagen peen
Paarden poepen vijgen, dat weet toch iedereen
Maar wie kan mij vertellen, ik was er zelf niet bij
Wat was er nou ’t eerste, de kip of het ei?